Geschiedenis

Deze hond vindt zijn oorsprong in Frankrijk, en dreigde na de Tweede Wereldoorlog helemaal uit te sterven. Er waren nog maar zo weinig exemplaren dat het Guiness Book of Records het in 1969 beschreef als zeldzaamste ras ter wereld. Er waren nog ongeveer 40 honden over, waarvan de helft in Duitsland zat en de andere helft verspreid over het continent.

Hoewel er zo weinig waren van dit ras wordt het in 1500 al beschreven zoals het er nu uitziet, in zowel tekst als beeld. We zien ook zeer veel overeenkomsten van het Leeuwhondje van nu terug op schilderijen van bijvoorbeeld de Spaanse kunstenaar Francis Goya (1743-1828). Sommige zijn levendig geportretteerd terwijl anderen mooi zitten op de schoot van rijke vrouwen. De vacht is altijd golvend en zijdeachtig.

Het eerste Leeuwhondje in Nederland werd in 1967 geïmporteerd. Het was een teefje genaamd Lieschen, gefokt door mevr. Bennert uit België. Zij was degene die na de Tweede Wereldoorlog het ras weer is gaan opbouwen. We kunnen stellen dat zonder mevr. Bennert het ras vrijwel zeker uitgestorven zou zijn.

Mme. Bennert

Mme. Bennert

Tot aan 1990 zijn er nog twintig honden geïmporteerd uit België, Engeland en Duitsland. De eerste nesten werden geboren in de jaren ’70 onder kennel “van het Agnietenhof” van GM Boetink. In 1987 importeerde Reina Jansen van kennel “Neêrlands Trots” haar eerste teefje uit Schotland. Op dat moment waren er slechts 12 Leeuwhondjes geregistreerd in Nederland. In 1993 waren dat er zo’n 60. De meesten daarvan leefden als huishond.

Het Leeuwhondje heeft de laatste jaren meer liefhebbers gevonden en er zijn op dit moment meerdere fokkers waarvan er een aantal ook regelmatig aan hondenshows deelnemen. Dat het ras ook daar een opleving doormaakt is te merken aan het feit dat er zelfs al verschillende keren groepsplaatsingen zijn behaald. Iets wat voor een zeldzaam ras vrij bijzonder is.

Schilderij uit 1816

Schilderij uit 1816